Vaste technieken

Digitale communicatie-infrastructuur is de basis van de huidige digitalisering van de samenleving. De constante groeiende vraag naar bandbreedte drijft allerlei technologische vernieuwingen. Of het nu gaat om vaste verbindingen met glas, coax en koper of draadloos met Wifi, bluetooth of 4G, de technieken verbeteren continu.
14 september 2018

Vaste digitale verbindingen naar huizen en bedrijven worden gelegd op drie soorten kabels, koper, coax en glasvezel. Op alle drie de kabels worden de technieken constant verbeterd. Om data te versturen over koper en coax maakt men gebruik van elektriciteit, voor de transport van data over glasvezel gebruikt men licht.

Koper

De koperkabel is oorspronkelijk, in de loop van de 20ste eeuw, aangelegd en gebruikt voor analoge verbale telecommunicatie. In de loop van de jaren zijn verschillende technieken gebruikt om data op een efficiënte manier over de koperlijn te versturen, eerst analoog en later digitaal. Momenteel worden vooral ADSL en VDSL(2) veel gebruikt in Nederland. Bij DSL technieken zijn de bandbreedtes afhankelijk van de kwaliteit van het signaal op de koperlijn, deze is mede afhankelijk van de afstand tot een wijkcentrale. De techniek is wat men noemt asynchroon, dat betekent dat de uploadsnelheid lager dan de downloadsnelheid ligt. Adsl heeft een maximale snelheid van 20 Mbps down en 1 Mb up. Bij VDSL ligt dit momenteel rond de 50 Mb down en 5 Mb up. Er zijn experimenten met VDSL Bonded supervectoring waarbij twee koperlijnen per abonnee worden gebruikt, dit kan potentieel snelheden tot max 400 Mbps opleveren.

Coax

De coaxkabel is grootschalig uitgelegd voor de uitrol van kabeltelevisie in de jaren 70 en 80. In de jaren 90 werd de coaxkabel aansluiting bij consumenten ook geschikt gemaakt voor internetverkeer. In de loop van de jaren hebben verschillende DOCSIS technieken (versies) echt breedband mogelijk gemaakt. Ook de DOCSIS technieken zijn momenteel asynchroon, de upload snelheden zijn lager dan de download snelheden. Momenteel is DOCSIS 3.0 de standaard, dit levert potentieel snelheden tot 400 Mbps down en 100Mbps up. Er zijn momenteel experimenten met DOCSIS 3.1, deze kan theoretisch een synchrone verbinding van max 10 Gbps verzorgen.


Glasvezel

Glasvezel is anders dan koper en coax, doordat er licht in plaats van elektriciteit wordt gebruikt voor de transport van informatie. Dit geeft glasvezel een aantal zeer positieve eigenschappen:

· grote hoeveelheid data die over een glasvezel kan,
· grote afstanden die over glasvezel kunnen worden afgelegd
· hoge reactiesnelheid (lage latency)
· zeer ongevoelig voor interferentie, door radiogolven en elektromagnetische straling van buitenaf.

Deze eigenschappen maken ook dat glasvezel gebruikt wordt als backbone van grote delen van de vaste en draadloze netwerken. De uitrol van glasvezel naar de consument (Fiber to the Home) vindt momenteel vooral plaats in de zogenaamde buitengebieden. Binnen de stedelijke gebieden leveren VDSL en kabel dusdanige snelheden dat er voor leveranciers geen motivatie is om de investering van glasvezel te rechtvaardigen. Buiten de bebouwde agglomeraties is de concurrentie van aansluitingen over koper of coax vaak minder. Hier zijn allerlei burger-, provincie-, lokale initiatieven ontstaan die vaak zonder de grote telecom leveranciers zelfstandig FTTH aanleggen. Kijk hiervoor ook elders op deze website. Bij de aanleg en beheer van een glasvezelnet wordt onderscheid gemaakt tussen drie lagen, laag 1 de eigenlijke glasvezel in de grond, laag 2 de belichting van de glasvezel en laag 3 de content die over het net wordt geleverd. Er worden inmiddels commercieel snelheden aangeboden van 10 Gbps, in testopstellingen zijn veel hogere snelheden bereikt (Tbps en zelf Pbps).